January 22, 2020
De kentering
Mariëlle Boukens
Amper twee weken na Arts uitvaart zou hij acht jaar zijn worden. Hij had gedacht – en wij hoopten met hem – dat hij die dag gewoon zou vieren, met visite, cadeautjes en taart. Art had zelfs een verlanglijstje gemaakt.
No items found.

Nu zijn verjaardag ineens een geboortedag was geworden, kon ik het niet verdragen om die thuis door te brengen. We besloten hem te ontvluchten, met het vliegtuig naar de zon. Benten was door het dolle heen, hij mocht vrij van school en met ons mee.

Benten snorkelde en zwom in de zee, wij lagen op het strand te lezen en te slapen. Ik miste Art, maar niet meer dan de tweeling die bij opa en oma was gebleven.

'Het gaat best goed met ons'

Natuurlijk konden we niet om zijn geboortedag heen. Die middag lunchten we in een bergdorpje, we waren met de huurauto op pad. Patatjes met mayonaise, voor Art. We spraken over hem en daar klonk Arts liedje over het terras. Even voelden we ons verdriet, maar al snel werden we weer afgeleid door het mooie landschap en vooral de hitte. ‘Jee,’ zeiden mijn vriend en ik tegen elkaar, ‘het gaat best goed met ons.’  

Die week schreef ik in mijn dagboek: Mijn lieve Artje, zacht en lief. Het voelt zo raar, ik mis hem maar toch ook weer niet (omdat ik het niet kan bevatten).

De laatste kleertjes

We kwamen thuis van vakantie en Benten ging weer naar school. Mijn vriend voorzichtig aan het werk, de meisjes naar de opvang.

Arts laatste kleertjes kwamen uit de was. Ik vouwde ze op en legde ze in zijn kast, waar ze niet meer uit gepakt zouden worden. Zijn skelter kwam ik iedere keer tegen in de tuin. Het deed me pijn dat hij stil stond, niet meer werd gebruikt. Ik gaf hem aan de eerste de beste die zich meldde.

Door de voorgaande jaren was ik gewend aan mensen om ons heen. Hoewel ze veelal hulpverleners waren, hadden we na al die tijd toch een band met elkaar gekregen. Ze kwamen niet meer, of nog één keer om afscheid te nemen, en ik begon ze te missen.

Verdriet om het leven

Ik zat alleen thuis en opeens maakte ik me zorgen, om Art. Dat hij zich misschien alleen voelde zonder ons, daar in de hemel of waar hij nu ook was. En ik werd bang. Misschien hadden we te snel een keuze gemaakt en was er toch nog een mogelijkheid om zijn leven op een goede manier te verlengen. Ik werd boos, de mensen uit mijn omgeving vroegen helemaal niets of juist teveel, ze praatten alleen over zichzelf of juist alleen over Art.

Naar school toe gaan kon ik niet meer, het deed pijn om de kinderen uit Arts klas te zien, zonder Art. Ik werd angstig als Benten een weekend bij zijn vader doorbracht of mijn vriend een optreden ergens in Nederland had. Iedereen moest thuis blijven, dan kon er tenminste niets gebeuren. En ’s avonds, als mijn kinderen op bed lagen, plofte ik uitgeput op de bank. Verdrietig om het leven, míjn leven, dat mij zo te grazen had genomen.

Ik viel er niet in, maar ongemerkt had ik de eerste stappen gedaan naar het zwarte gat.

Bekijk alle blogs

Wat doen we?

Wij leggen het leven van kinderen tot 18 jaar die gaan overlijden aan een ziekte vast op beeld.

Ruurds verhaal

Ruurd (16 jr.) geniet van de kleinste dingen, is een voorbeeld voor iedereen en heeft botkanker.